10 tips voor een veilige en leuke bergwandeling.
13 AUGUSTUS 2026
1. Bereid je tocht goed voor
Kies een route die past bij je ervaring en conditie. Bekijk vooraf:
de moeilijkheidsgraad en het terrein
de lengte en verwachte wandeltijd
de weersvoorspelling
de bewegwijzering
de nodige uitrusting
Een goede voorbereiding zorgt ervoor dat je onderweg niet voor verrassingen komt te staan.
2. Zorg dat je fit bent
Bergwandelen is intensiever dan wandelen op vlak terrein. Bouw je conditie en kracht daarom vooraf op, bijvoorbeeld met wandelen in de Ardennen, fietsen, lopen en/of zwemmen. Ook extra krachtoefeningen zijn een aanrader.
Onderweg:
kies een tocht die bij je conditie past
start rustig en bouw geleidelijk op
wandel in een tempo dat je lang kunt volhouden
neem bij warm weer een schaduwrijke route
blijf thuis als je koorts hebt
3. Neem de juiste uitrusting mee
Het weer in de bergen kan snel omslaan. Kleed je daarom in lagen en bescherm jezelf tegen zon, wind en regen.
Draag: geschikte wandelschoenen, wandelkousen, sportieve kleding, zonnebril, pet en zonnecrème.
Neem mee in je rugzak:
regenjas en eventueel regenbroek
warme fleece
muts en handschoenen
smartphone/GPS én een topografische kaart
voldoende water (minstens 1,5 liter) en elektrolyten of zoute snacks (bij warm weer)
snacks (minstens 1 per wandeluur)
EHBO-set, reddingsdeken en bivakzak
Meer informatie over kledij in deze brochure.
4. Kies geschikte wandelschoenen
Goede wandelschoenen bieden grip, comfort en bescherming. Kies schoenen die passen bij het terrein én jouw ervaring.
Voor beginnende bergwandelaars zijn schoenen van categorie B, B/C of C vaak het meest veelzijdig. Ervaren wandelaars met stabiele enkels kunnen afhankelijk van het terrein ook lichtere schoenen of trailrunschoenen gebruiken.
Laat je bij voorkeur adviseren in een gespecialiseerde winkel en test schoenen goed uit voor je vertrekt.
Bij onze partners krijg je als KBF-lid korting.
5. Let op je tredzekerheid
Uitglijden en struikelen zijn belangrijke oorzaken van ongevallen in de bergen. Wandel daarom aandachtig en pas je tempo aan het terrein aan.
Neem kleine passen op steile stukken.
Wandel rustig en gelijkmatig.
Let op je houding bij de afdaling: knieën lichtjes gebogen, bovenlichaam voorover, het zwaartepunt boven jouw steunvoet.
Las een pauze in bij lange of moeilijke afdalingen.
Bij sneeuwvelden schop je met je schoenen treden in de sneeuw. Gebruik spikes en wandelstokken voor extra grip en evenwicht.
6. Blijf op gemarkeerde paden
Zo verklein je de kans op verdwalen, steenslag en valpartijen. Bovendien bescherm je de kwetsbare bergnatuur.
7. Neem regelmatig pauze
Bergwandelen is geen wedstrijd. Drink en eet regelmatig en geef je lichaam voldoende tijd om te herstellen en vooral: om van het uitzicht te genieten.
Drink ongeveer elk uur.
Voorzie 1 à 2 snacks per uur.
Neem bij warme tochten extra water en elektrolyten of zoute snacks mee.
Kies vooral voor koolhydraatrijke snacks zoals gedroogd fruit, mueslirepen of peperkoek.
Bewaar alcohol voor na de wandeling.
8. Pas je toch aan kinderen aan
Bergwandelen kan prima met kinderen. Kies een route die past bij hun leeftijd en conditie en maak van de wandeling een ontdekkingstocht.
Vermijd lange, moeilijke routes die veel concentratie vragen. Begeleid kinderen extra goed tijdens moeilijke passages.
9. Informeer het thuisfront
Wandel bij voorkeur in een kleine groep en laat iemand thuis weten waar je naartoe gaat en wanneer je verwacht terug te zijn.
Alleen wandelen brengt extra risico's met zich mee. In de bergen is het mobiele bereik bovendien niet overal betrouwbaar. Bij afgelegen of lange tochten kan een noodbaken een extra veiligheidsmaatregel zijn.
10. Respecteer de natuur
Berggebieden zijn kwetsbare ecosystemen. Draag er zorg voor:
blijf op de paden
neem je afval mee
beperk lawaai
respecteer lokale regels
kies waar mogelijk voor het openbaar vervoer
Kom je kuddes met herdershonden (patous) tegen? Houd voldoende afstand en wandel er rustig in een boog omheen.